De basis

Omdat ik van variatie houd, en u hopelijk ook, houden we nu eens geen winkelier, maar een makelaar op onze straat tegen het licht: Van Vulpen en Roozenburg Makelaars. Eén van de twee huisbazen is Eric van Vulpen, thans bijna 46 jaren jong. U zult het geloven of niet, maar deze blozende en energieke kerel is alwéér een ex-leerling van me! Men wordt er ongans van. Telkens als ik deze robuuste persoonlijkheid waarneem –dat is geregeld, want hij is een nabije buurman – moet ik denken aan een anekdote mijnerzijds, waarin Eric figureert. Even een zijsprongetje.

Opgroeien

Als docent Nederlands regisseerde ik op het Comenius College regelmatig toneelstukken, voor en door leerlingen gespeeld. Eén daarvan was een door mij gemaakte toneelbewerking van de roman ‘De Kleine Johannes’, van de hand van  Frederik van Eeden( 1885). Deze psychiater en filosoof zetelde overigens in ‘Walden’, een commune om de hoek:  aan de Franse Kampweg. Het boek verhaalt ‘als een sprookje’ over de ontwikkeling van klein kind tot volwassene, waarbij Johannes diverse allegorische figuren tegenkomt: ‘mensen’ die een abstract begrip verbeelden. Zoals Windekind, het elfje dat de kinderlijke fantasie voorstelt.
Gelijk iedereen in het leven, ontmoet ook deze kleine Johannes  onvermijdelijk  ‘De Dood’. Deze gluiperd met een zeis en onaangenaam voorkomen, werd in het stuk gespeeld door Eric. Heel vreemd toeval. Hierbij gebruikte hij een bulderende lach, die door de theaterzaal donderde. Wat niet in het script stond, maar tegen mijn zin in geïmproviseerd werd door Eric, was deze zinsnede: “Toen ik gisteravond voor de spiegel stond, zei ik tegen mezelf: “Meid, wat zie je eruit!”
Dat Eric hiermee een weddenschap met vrienden had gewonnen, bleek uit hun gore gelach uit de donkere zaal.
Wat een leven voor de Dood.

Funda(ment)

Terug naar de huidige Eric. Hij werd in 1971 geboren te midden van de Diaconessen alhier  en woonde daarna jarenlang met ouders en broer aan de Hyacintenlaan; in feite is hij tot op heden blijven plakken in dezelfde wijk waar hij is geboren en getogen. Een huiselijk type dus, om in het jargon te blijven. Vader van Vulpen was toen al een gerenommeerd makelaar, die het ‘huizenvirus’ uiteindelijk aan zijn jongste zoon zou doorgeven. Na de basisschool en het al genoemde Comenius College studeerde Eric ‘International Management’, afdeling ‘English Stream’, waarbij hij een half jaar stage liep in Brussel en een half jaartje een uitwisselingprogramma deed in het prachtige Bournemouth in Zuid Engeland. Na die tijd moest hij nog in dienst, vooral als chauffeur, wat hij opgewekt en energiek als altijd uitvoerde.

Bezichtigen

Maar toen kwam de vraag: ‘Wat nu?’ Via een uitzendbureau belandde hij bij telecombedrijf AT&T, waar hij vrachtbrieven opstelde, die gekoppeld waren aan spullen die over de hele wereld werden verzonden. Daarna was hij een tijdje actief voor een ‘wat slome’ verzekeringsmaatschappij, waar hij ontdekte dat stilzitten aan een bureau niet ‘zijn ding’ was. En ineens viel het kwartje: ‘Ik ga doen wat pa zo goed doet!’  In de huizen dus!

Optie

Eric trad in dienst bij zijn vader. Die is zo’n zes jaar geleden helaas overleden. Zoonlief werkte bij hem van 1998 tot 2002. Toen besloot Eric voor zichzelf te beginnen, samen met ‘concurrent’ Ward Roozenburg, die echter vooral een goeie collega en vriend was. Zij begonnen in een bescheiden studeerkamer, van waaruit de één ‘de boer’ opging in hun ene autootje en de ander het papierwerk en zo deed. Maar al na een paar maanden konden ze het huidige hoekpand betrekken: een lot uit de loterij! Hoewel iedereen zich ‘makelaar’ mag noemen –het is een ‘vrij’ beroep-  pakten deze beide mannen het gedegen aan. Deze onderlegde rakkers zijn ‘dus’ lid van de NVM: De Nederlandse Vereniging van Makelaars; een formeel bewijs van kennis en kunde.

In de papieren

Zo volgden ze op het HBO een makelaarsopleiding, waar je theorie- en praktijkexamen moest doen. ‘Theorie’ is onder meer privaatrecht, bouwkunde, publiek recht, economie, boekhouding. De praktijk betrof een ‘beroepsproef’, waarbij een aantal medemakelaars in spe een bedrijfspand en enkele woningen moesten taxeren. Dat moest in een doorwrocht verslag worden gepresenteerd aan een strenge commissie van Hoge Heren, zoals een bankdirecteur, een doorgewinterde makelaar en het hoofd van de Kamer van Koophandel. Als je was geslaagd, werd je in die tijd nog beëdigd bij de rechtbank in Amsterdam. “Dat vierde ik uitbundig, want ik hoorde nu bij de club!”

Onder dak

Op Erics vriendelijke hoofd met dartele donkere krullen,  ligt vrijwel steeds het begin van een glimlach, alsof hij nauwelijks verborgen  lol heeft in het leven in het algemeen en de medemens in het bijzonder. Hier lacht niet De Dooie Dood, maar Het Lieve Leven je toe ! Relaxte vitaliteit!
Hij woont samen met een vrouw die ‘pleegzorgbegeleider’ is: begeleiding geven aan mensen die uit huis geplaatste kinderen opvangen, wier ouders hen mishandelden en/of in de gevangenis zitten. Samen hebben ze drie puberdochters, die alle drie -hou je vast- op het Comenius zitten…

Wat koop je ervoor?

Wat doet een makelaar zoal? Hoewel ikzelf de bescheiden mening ben toegedaan dat het vak van makelaar een ‘kunstmatig’ beroep is, erken ik ruiterlijk de waarde van het werk. Ook letterlijk. Zo geeft Eric adviezen aan mensen die hun huis willen verkopen, krijgt eerst de opdracht tot verkoop, maakt dan foto’s, plattegronden en beschrijvingen, geeft rondleidingen door het te verkopen huis en bemiddelt bij de definitieve koop. Anderzijds helpt hij mensen bij het vinden van een koophuis. En natuurlijk maakt hij taxaties van te kopen of te verkopen panden, ook voor woningbouwverenigingen en  bijvoorbeeld voor nieuwbouwprojecten. De spin in het web van vraag en aanbod!

Huis houden

De firma van Vulpen & Roozenburg heeft twee kantoren: één bij ons op de hoek met de Hilvertsweg en het ander in winkelcentrum de Seinhorst in Noord. En opmerkelijk detail: ook daar zit het kantoor tegenover een Albert Heijn. Dat is geen toeval, legt Eric uit: “Mensen lopen langs om boodschappen te doen en zien bewust of onbewust ons toch. Dat kan nooit kwaad.”
Er werken al met al tien mensen bij de club, van wie vijf makelaars. De anderen zijn –Eric royaal lachend als zo vaak-: ‘assistent makelaar binnendienst’:  dat zijn de baliemedewerkers, die het ‘echte’ werk doen, zoals plannen, afspraken maken en van alles op papier zetten. Zijn werkdagen zitten altijd vol, maar variëren qua tijd: in de winter gaan mensen bijvoorbeeld niet ‘s avonds een woning bekijken, in de zomer natuurlijk wel.  En hij dus ook.

Uit en thuis

Het leuke van het makelaarsvak is dat je mensen aan hun droomhuis helpt, terwijl verhuizen vaak een ingrijpende gebeurtenis in het leven is; dat doe je niet zo maar. “Superleuk is dat we mensen helpen bij die volgende grote stap in hun leven. Minder leuk zijn natuurlijk de vechtscheidingen, waarbij mensen elkaar zelfs in de haren vliegen waar wij bij zijn. Of als een huis verkocht is, -per definitie aan één koper-,  dat andere aspirant-kopers dan teleurgesteld zijn. Zo werkt het nu eenmaal. De lui die achter het nest visten, wijten dat dan al snel aan de makelaar.”
In de crisisjaren tussen 2008 en 2014 lieten mensen zich vaak bang maken, maar juist toen waren de prijzen relatief laag en het aanbod hoog. Nu is dat andersom. Je eigen huis is in waarde gestegen, maar het huis dat je wilt kopen ook! ‘Huizenhoog verschil’, zou ik in dit verband willen opmerken.
“Veel mensen zijn tegenwoordig ongeduldig, gehaast en veeleisend; alles moet NU. Zegt een klant: “Kan ik morgen het huis bekijken?” ”Nee, dan is het Eerste Kerstdag.” “Maar ik werk door de week, dus het moet wel.” Of mensen willen per se op zondag. “Maar dan werken wij in principe liever niet,” aldus de kalme en sympathieke huisbaas Eric.

Een goede buur is beter

De Gijsbrecht is een levendige winkelstraat, waar veel beweging en drukte is. Die roerige locatie is goed voor een makelaar, die volledig uit beeld is op bijvoorbeeld een industrieterrein – waar veel vakgenoten een jaar of twintig hun heil zochten. “Letterlijk midden in de samenleving staan. Tussen de mensen zijn! Dan zien ze je!”, is Erics credo. En als winkeliers menen dat een ‘baliebedrijf’ als dat van hen onterecht winkelruimte op onze Gijsbrecht inneemt, dan heeft Eric een heldere repliek: “Als mensen bij ons of bij een bank komen, dan gaan ze daarna vaak nog even een visje pakken, een bakkie doen of een truitje kopen. Dat vergeten winkeliers wel eens: we stimuleren elkaar! Dus niet klagen als iets niet wens gaat, maar aanpakken! En leegstaande winkelpanden zijn sowieso slecht, dus dan nog liever een makelaar erin, haha!”
ZaMeer daghoreca in de straat zou leuk zijn, want dan blijven de gasten langer hier en dat komt in de grond iedereen ten goede. Tenslotte moet het geld wel rollen….
Liefst de goeie kant op.

Thuisgevoel

Neemt niet weg dat de concurrentie op makelaarsgebied stevig is: alleen in Hilversum al zijn 23 makelaarskantoren! Eric weet echter stellig dat zijn kantoor alhier ‘de marktleider’ is. Dat komt volgens mij omdat hij en zijn mensen deskundig, klantvriendelijk en onpartijdig zijn.
Het motto van dit makelaarsbedrijf: ‘De klant is koning, zo lang die zich koninklijk gedraagt.’   Ik denk dus dat je als klant vorstelijk behandeld wordt door deze betrouwbare, aardige en solide mensen, die hun huiswerk doen – dat staat als een huis.

Frans Kwantes columnist van winkelgebied de gijsbrecht

Frans Kwantes,
15 januari 2018

Van Vulpen en Roozenburg Makelaars
Hilvertsweg 74
1214 JJ Hilversum
Tel. 035-6252070
info@vanvulpenroozenburg.nl
www.vanvulpenroozenburg.nl

Van Vulpen en Roozenburg makelaar op de Gijsbrecht van amstelstraat

Groepsfoto v.l.n.r.: Carien Rienstra, Robert Spiering, Michelle van de Pol, Wendy Bijlard, Annette Richardson, Stefanie Kos, Eric van Vulpen, Antoinette Westland, Erik Trouw, Ward Roozenburg

Makelaar Eric van Vulpen van van Vulpen en Roozenburg Makelaars
Eric van Vulpen

Meer nieuws

Alle berichten (62)

Filter op de kaart

Categorie